6 verhelderende (en confronterende) inzichten over bindingsangst

Tanja dacht altijd dat ze mannen met bindingsangst aantrok. Types die maar bleven twijfelen, opeens toch geen vaste relatie wilden of uiteindelijk vreemdgingen. Totdat ze het boek ‘Liefdesbang’ van Hannah Cuppen las en zich realiseerde dat het ook wel eens aan haar kon liggen…

Hoewel het heel makkelijk is om in de slachtofferrol te duiken, geeft het je véél meer energie en zelfvertrouwen om te onderzoeken wat je eigen aandeel in een mislukte relatie is. Daar kwam ik achter toen ik in de zoveelste ongelijkwaardige liefdesdans terecht was gekomen. Een coach raadde me aan het boek Liefdesbang van Hannah Cuppen te lezen. Het bleek een feest van herkenning en vooral een interessante zoektocht naar wat ík voortaan anders kon doen. En hoewel dat best confronterend was, vond ik het wel een lekker idee dat je het dus zelf in de hand hebt: het ligt niet alleen aan die kerels, je kan (en moet) het zélf veranderen.

Deze 6 inzichten uit het boek ga ik in elk geval nooit meer vergeten.

  1. Iemand met bindingsangst zendt inderdaad zeer tegenstrijdige boodschappen uit.
    Het kan dagenlang superfijn zijn, en dan opeens is ‘ie pleite. Of doet ‘ie afstandelijk. En als jij het er dan bij laat zitten, komt ‘ie weer terug. Extreem irritant en verwarrend. Het zorgt ervoor dat je gaat twijfelen aan jezelf. Want: het was toch zo fijn? Jullie hadden zo’n intense aantrekkingskracht en jullie konden overal over praten. Zou je iets verkeerds gezegd hebben? Liep je misschien te hard van stapel? Maar hij of zij zei zoveel lieve dingen… Dat iemand bindingsangst heeft, betekent niet dat die persoon niet van iemand kan houden en precies dat is zo verwarrend. Voor beide partijen, overigens.
  2. Mensen met bindingsangst trekken mensen met verlatingsangst aan (en andersom).
    Op de een of andere manier herken je in de zee met ál die vissen elkaars gedrag. Maar als door die aantrekkingskracht een eventuele commitment kan ontstaan, wil degene met bindingsangst dit het liefst gauw weer afstoten. De partner met verlatingsangst gaat dan heel hard z’n best doen om de liefde te behouden, wat vaak averechts werkt. Totdat hij of zij er klaar mee is en de ander loslaat. Vanaf dat moment is de persoon met bindingsangst opeens weer geïnteresseerd. Er ontstaat een spel van aantrekken en afstoten, en deze twee types kunnen daar eindeloos mee doorgaan.
  3. Bindingsangst is een soort verdedigingsmechanisme.
    Onbewust heeft iemand met bindingsangst niet goed geleerd hoe hij of zij zich moet hechten. Teveel commitment wordt bijna automatisch beantwoord met een afstotende beweging om te voorkomen dat er binding ontstaat. Deze persoon beschermt z’n tere zieltje fel tegen afwijzing.
  4. Want, achter bindingsangst gaat eigenlijk altijd verlatingsangst schuil.
    Iemand die bang is om zich te binden, beschermt zich dus eigenlijk tegen de pijn van verlaten worden.
  5. En iemand met verlatingsangst durft zich dus eigenlijk ook niet te binden…
    Het woord verlatingsangst zegt het al: je bent bang dat mensen je alleen laten, dat je afgewezen en daardoor gekwetst wordt. En de beste manier om dat te voorkomen? Geen verbinding aangaan. Hoe je dat doet? Een ‘relatie’ met iemand die niet beschikbaar is. Dan hoef je dus geen veilige commitment aan te gaan en dat betekent dat je ook niet verlaten kan worden.
  6. Oftewel: het spel speel je altijd met z’n tweeën.
    Hoe pijnlijk het spelletje van aantrekken en afstoten ook kan zijn, het komt altijd van twee kanten. Bindingsangst en verlatingsangst zijn in de kern hetzelfde. Alleen hoe dit tot uiting komt, heeft te maken met de persoon die tegenover je staat. Zo kan het zijn dat je in de ene relatie verlatingsangst ervaart, maar in een volgende relatie zelf moeite hebt om je te binden. Hoewel het makkelijker is om de schuld bij de ander te leggen, is het veel fijner én interessanter om je eigen angst eerst te onderzoeken. Want wie niet goed kijkt naar z’n eigen aandeel, blijft telkens in dezelfde valkuil trappen.

Geef een reactie